Concertverslag: Dana Gillespie & The London Blues Band
Datum: 9 september, 2004
Auteur: Antoine Légat


Dana Gillespie heeft geen revanche nodig. Zij is al eeuwen (zo lijkt het toch) zichzelf: een wijze madam met ondeugende bluesliedjes die zich telkens weer omringt met de béste muzikanten van heinde en ver, en nog steeds, na éénenveertig jaar actieve dienst (en zeven LP’s en dertig CD’s later!), de sterren van de hemel zingt. Eminent rock- en blueskenner Charles Shaar Murray zei ooit: ,,(She) literally beats the pants off anything done by a British bluesman these last 10 years.’’ Ze was elf toen ze de blues ontdekte: in ’62 zag ze o.a. de vroege Yardbirds. Ze verzeilde al snel in de folk en de rock musical (onder vele anderen ook als Maria Magdalena in Jesus Christ Superstar!), en in allerlei jet set kringen (krengen?) waar ze haar onschuld en nog van alles verloor. In de seventies omarmde ze zelfs even de glamrock, nichtenrock: haar nog steeds intrigerende Weren’t Born a Man werd deels door David Bowie geproduced (en overheerst) Dat was ook de plaat die ons naughty Dana leerde kennen. En ze had ook een uitgebreide filmloopbaan, en echt niet in schimmige B-movies! Ze speelde in Mahler, Bad Timing, Parker…Bovendien is ze vertrouwd met de Arabische muziek, is ze Indiafreak en -kenner, zingt in het Sanskriet onder de naam Third Man, gaf ze een bijzonder fraai boek uit met uitspraken van wijzen en profeten, Mirrors Of Love, waar haar vriend Bob Dylan op aandrong, Dylan die haar trouwens een eersterangssongschrijfster vindt. Haar Indisch geïnspireerde single Move Your Body Close To Me leverde haar in diverse Europese landen een nr. 1 hit op. Ze was als junior ooit waterski kampioene van Groot-Brittannië! En, om het allemaal af te ronden, is ze de initiatiefnemer en gangmaker achter het Mustique blues liefdadigheidsfestival. Al tien jaar wordt op dit Caribische eiland eind januari gemusiceerd voor het onderwijs op het naburige Saint-Vincent. Het is gratis en leeft van geldschieters en de verkoop van de jaarlijkse live CD. En we hebben haar handel en wandel ten zeerste ingekort en verwijzen wat graag naar haar officiële site…

Oh boy, niet slecht voor een Oostenrijkse van adel, want dat zou ze in oorsprong zijn, lazen we heel lang geleden (de sporen daarvan heeft ze blijkbaar gewist?!) Ja, u leest een aantal parallellen met Marianne Faithfull. Alleen is Dana nooit zo diep moeten gaan om te surviven. En haar stem heeft ze ook altijd intact kunnen houden. Het was al even geleden dat we haar nog eens zagen en zijzelf bleek ook uiterst tevreden nog eens naar die ouwe vertrouwde Banana Peel te mogen komen (ze was hier al in ’89, ’90, ’93,’94, ’99 en ’02!), al waren er allerlei problemen geweest om haar en de band tijdig daar te krijgen en al was de klank, het hele godganse concert door, een regelrechte gesel. Nooit meegemaakt in de Bananenschil, al had ze natuurlijk wel vijf muzikanten mee die op en rond het piepkleine podium moesten performen. En wat voor performers! Dana heeft altijd de beste pianisten gehad. Joachim Palden (van de legendarische Oostenrijkse Mojo Blues Band, drie jaar lang Dana’s band) is ze al lang kwijt (aan Robin Banks die hem en Johnny Moeller aan haar Texaanse leiband houdt!), maar nu heeft ze Dino Baptiste, van alle markten thuis, maar vooral in de boogie woogie een bolleboos. Gitarist Matt Schofield (dus geen familie van John Scofield!) kan zich niet alleen uitleven in Dana’s London Blues Band maar ook in zijn eigen Trio. Ook saxofonist Mike Paice is een muzikant van stand, en als die de harp boven haalt dan lijkt het of ie er nog een schep bovenop doet, zo intens. Op bassist Jeff Walker en drummer Evan Jenkins kan je gerust de nieuwe Freedom Tower bouwen, Osama nog aan toe.

Ze was, letterlijk dan, nog geen haar veranderd: de tijd krijgt nauwelijks vat op Dana. Ook niet op het repertoire: Big Boy stak zoals te verwachten viel dubbelzinnig en ondeugend van wal. En al werd ze in commentaren en bindteksten wel gedwarsboomd door de voortdurende ,,dienstmededelingen’’ in verband met de geluidsperikelen, toch wist ze nog een hele cascade smeuïge opmerkingen te lanceren, zoals dat een ervaren rat past: niets brengt haar van de wijs, ook niet als haar stem vervormd blijft doorkomen. Experienced, de title track uit haar voorlaatste CD, werd gevolgd door Ten Ton Blocks, een ander nummer daaruit. Het volgende Too Blue To Boogie droeg ze op aan de jarige Athena, die haar met haar vijftien lentes herinnerde aan haar eigen bewogen en lange niet zo onschuldige jeugd. Met elke nieuwe song kwam de band meer onder stoom en de solo’s van Baptiste, Schofield en Paice vlogen ons om de oren: Timeless, Hot Stuff, Sweet Tooth zaten er recht op. De eerste set eindigde met een straffe versie van Saint Louis Blues en Raise A Little Hell. Zeg wel!

Na de pauze ging het nog crescendo met This Is It (Three Hundred Pounds Of Heavenly Joy), Staying Power (titelnummer van de recentste CD) en het trage The Big Daddy Blues, dat gekruid werd met lange, piekende intermezzi door alle solisten. Mose Allison mocht niet ontbreken en dan kiest ze wel vaker voor Your Mind Is On Vacation But Your Mouth Is Working Overtime.
Tough Love, Willy Dixons Spoonful en What You Got rondden af. Als bissen één slow (Up Your Sleeve) en één korte rappe, want Banana Peel heeft, net als Cactus Festival, af te rekenen met een recalcitrante buurman. ,,Let’s wake up the neighbour!’’ waarmee het aloude I Want You To Be My Baby werd aangeprezen: singalong time dus!Ondanks het geluid een warm weerzien met een grote artieste, die haar contentement ook al niet onder stoelen of banken stak. Wat ons betreft mag ze snel opnieuw komen, en Baptiste en Schofield hebben ons ook al benieuwd gemaakt naar hun andere projecten. (12 09 04)

P.S. Matt Schofield vervoegt in 2005 de rangen van de Ian SIEGAL BAND, voorwaar een goeie keus!