Concertverslag: CJ Chenier
Datum: 6 april 2006
Auteur: Steven Devos


Banana Peel lééft, dat is wel duidelijk.  Het voorjaarsprogramma van deze bluesclub is rijkelijk gevuld met een heel divers programma.  Voor elk wat wils pleegt men wel eens te zeggen.  De hoofdmoot in de programmatie is uiteraard de blues maar af en toe wordt er al eens een uitstapje gemaakt naar een verwant genre.

Deze avond kunnen we op verkenning in de zydeco.  Onze gidsen voor vanavond zijn C.J. Chenier & His Red Hot Louisiana Band. Zydeco is een mengelmoes van diverse invloeden.  De hoofdingrediënten zijn echter wel blues en soul, hetgeen verklaart waarom deze uiterst dansbare muziek zo populair is bij de zwarte bevolking.  De stijl kent zijn bakermat in de Mississippi-gebieden van Louisiana waar ook wel eens Frans wordt gesproken.Enkele pioniers van het genre zijn Arnadé Ardoin, Iry LeJeune, Nathan Abshire en Clifton Chenier.  Deze laatste is, jawel, de vader van C.J. Chenier.  De genoemde pioniers waren stuk voor stuk klassemuzikanten die de zydeco grootbrachten maar Clifton Chenier zorgde uiteindelijk voor de populariteit van de stijl.  Hij wordt wel eens de koning van de zydeco genoemd.

C.J. Chenier krijgt dan ook een zware muzikale erfenis te torsen.  Hij is altijd de zoon vàn.  Op jonge leeftijd ziet hij zijn vader zelden gezien die steeds op tournee is.  C.J. heeft zijn eigen band maar verkent andere paden dan die van zijn pa. In 1978 wordt hij door zijn vader gevraagd saxofoon te spelen in de Red Hot Louisiana Band.  Enkele jaren later wordt zijn vader ziek en neemt hij het accordeon over.  Sedert het overlijden van Clifton eind 1987 neemt zoon C.J. de fakkel definitief over.
Hij weet zich te bewijzen als een volwaardige vertolker van de zydeco.  Paul Simon is danig onder de indruk dat hij zijn medewerking vraagt op één van zijn albums.  Een ander wapenfeit is het memorabele concert op het Chicago Blues Festival in 1996 waar hij 60 000 mensen aan het dansen krijgt.

We zijn dan ook maar wat blij dat we deze avond een kaartje konden bemachtigen op de zydeco-trein.  C.J. wordt omringd door James Alfred (wasbord), Daniel G. Griffin (bas), Timothy Betts (gitaar) en Thomas Lawrence (drums). De vier openen de show instrumentaal op het gebruikelijke uur.  De sfeer is nog wat kil voor het genre maar buiten is het dat al evenzeer.  Na enkele nummers wordt C.J. Chenier onder luid applaus verwelkomd. De impossante muzikant verkiest de zydeco-klassieker Goin’ Back To Big Mabulo als opener.  Vervolgens komt het R&B-nummer Just Like A Woman en het soul-getinte I’m Comin’ Home aan bod.  De dieselmotor raakt intussen stilaan wat opgewarmd en de echt ritmische zydeco-nummers dienen zich aan. Af en toe wordt nog eens gas teruggenomen met een slowblues als Something Wrong om daarna weer voluit te gaan op I Got My Eyes On You en Don’t Mess With My Tutu.  Zonder het te beseffen is het einde van de eerst set al een feit. De invloeden in het repertoire van onze gasten zijn ruim.  De diverse tempo-wisselingen maken het geheel aantrekkelijk.

In de tweede set gaan Chenier en zijn maats op hun elan verder.  Het ritme gaat de hoogte in en hier en daar kunnen de toeschouwers zich nog moeilijk bedwingen om stil te blijven staan.  Bullet Woman, No Shoes Zydeco en het iets stevigere Crazy About You Woman zijn maar enkele nummers die daartoe bijdragen.
Tijdens het feestgedruis beweegt onze hoofdgast zich ook even tussen de toeschouwers hetgeen duidelijk geapprecieerd wordt. Eens de wijzers van de klok elf uur aanwijzen komt huisvader Franky het podium op en laat het publiek beslissen of er nog wat meer mag volgen.  We worden meteen getrakteerd op nog eens ruim een kwartier zydeco-feest.